Activiteiten van De Diggers - RESTAURATIE VAN DE YORKSHIRE TRENCH & DUG-OUT

1. De Yorkshire Trench & Dug-Out historisch gesitueerd

De loopgraven op de Boezingse Kanaalsite hadden zwaar te lijden onder de gevechten van 6 juli 1915. Nadien werden ze zo goed en zo kwaad als het ging hersteld. Maar ondertussen was de winter 1915-16 aangebroken, met alle gevolgen van dien voor de bodemgesteldheid : de noordelijke Salient werd herschapen in een moerassige modderpoel, en dat gold dan meer in het bijzonder voor de Kanaalsite, die bekend stond als zowat de ergste in het gebied. "Frontlijn in een vreselijke toestand. De [eerste] lijn bestaat alleen uit een reeks posten die niet met mekaar verbonden zijn. De loopgraven storten in en waterafvoer is heel moeilijk." (War Diary 62ste Field Company, 29 dec. 1915).

De herstellingen gebeurden in de loop van januari 1916. Geen eenvoudige klus, want de loopgraaf was ook versperd door allerlei oorlogspuin. En de Duitse eerste lijn lag vlakbij : een paar tientallen meter slechts, zelfs binnen handgranatenbereik.

FOTO 1 - De Yorkshire Trench, die al een eerste keer nabij de dug-out blootgelegd werd in de zomer van 1998, werd 2 jaar later een honderdtal meter verder noordwaarts verder uitgegraven. Zoals de foto (22 april 2000) toont : de bodem van de loopgraaf maakte niet meteen een comfortabele loop mogelijk. Links een firestep (bankje voor observatie van de vijand, of voor scherpschutters) ; rechts zijn de opstaande delen van de A-frames duidelijk te zien. Op deze plaats staat nu het diepvriesgroentenbedrijf Pinguin N.V. Enkele van deze authentieke A-frames bevinden zich in het Ieperse In Flanders Fields Museum.

Op 19 februari 1916 werd de loopgraaf bij post F34 door de Duitsers veroverd, en dienden posten F33 tot F30 ten oosten ervan geëvacueerd.


Daarom werd de eerste lijn 's anderendaags ongeveer 100 m achteruitgetrokken. Door de talrijke granaattrechters moest de lijn uiteindelijk meer dan 200 m teruggetrokken worden. Daardoor werd het niemandsland ook een stuk breder : 200 à 500 m. Belangrijk hierbij is dat door deze strategische terugtrekking de nieuwe Britse posities kwamen te liggen ongeveer ter hoogte van wat later deYorkshire Trench zou worden.

ILLUSTRATIE 2 - Een deel van een gedetailleerde kaart van 29 febr. 1916 (83rd Field Company, Royal Engineers), ongeveer overeenstemmend met de Boezingse Kanaalsite waar de Diggers sinds 1998 actief zijn.
- Links het kanaal Ieper - IJzer.
- De straat rechts is de Kleine Poezelstraat.
- Deze wordt gekruist door de Moortelweg.
- Bovenaan (rood) de 1ste Duitse lijn.
- De posten F34 tot F30 (geel) maakten in de winter 1915-16 de 1ste Britse lijn uit.
- F34 bevond zich waar nu het waterreservoir van het industrieterrein is.
- De lijn F34 - F30 valt ongeveer samen met het deel van de Moortelweg dat sinds 1999 door de aanleg van het industrieterrein verdwenen is.
- Op 19 febr. 1916 werd F34 door de Duitsers veroverd, evacueerden de Britten de andere posten, en trokken hun eerste lijn eerst 100 m en dan 200 m achteruit. Op de kaart is dit ter hoogte van de blauwe lijn (prikkeldraadversperring).
- Daardoor viel ze bovenaan weer samen met de "Old British Line" van vóór 6 juli 1915. En verder zuidelijk : ter hoogte van wat de Yorkshire Trench zou worden. Deze voorloper van de Yorkshire Trench is aangeduid in het geel, met pijl.
- Verder nog ter oriëntatie : De linkerbenedenhoek is de plaats waar de huidige (korte) Bargiestraat begint, haaks op het kanaal. De rechterbenedenhoek is de plaats waar zich nu Colne Valley Cemetery bevindt.

De voorganger van de Yorkshire Trench (daterend van 1915 of 1916, een ondiepe primitieve loopgraaf) was de voorbije jaren reeds op diverse plaatsen gelocaliseerd. Tijdens de restauratiewerken aan de Yorkshire Trench en de oppervlaktewerken in de nabijheid kwam meer van het tracé bloot te liggen, zoals bijgaande foto (12 okt. 2002) toont. Deze voorganger is op de Yorkshire Trench & Dug-Out Site bovengronds gemarkeerd met een houten wandelplankier.

De ligging van de 'echte' Yorkshire Trench op de Boezingse Kanaalsite, als eerstelijnsloopgraaf, treffen we voor het eerst aan op een Britse trench map van 9 september 1916. Niet echt gedetailleerd, alleen met een doorlopende lijn.

(Het is immers een Britse kaart, met uiteraard wel preciezere aanduiding van de Duitse loopgraafposities.) De naam "Yorkshire Trench" lezen we voor het eerst op een kaart van 16 januari 1917, al komt deze naam ook al voor in war diaries in het najaar van 1916.

De Yorkshire Trench was dus een eerstelijnsloopgraaf vanaf ongeveer zomer of najaar 1916 tot de zomer van 1917. Niet echt een gevechtsloopgraaf, maar dat was dan alleen maar omdat deze periode relatief rustig was in vergelijking met zomer en najaar 1915. En die rust zal ook te maken gehad hebben met het feit dat het niemandsland er door de strategische terugtrekking een stuk breder geworden was (dus ongeveer 200 à 500 meter).


ILLUSTRATIE 4

De naam "Yorkshire Trench" treffen we op kaarten treffen pas aan vanaf begin 1917, met het typerende zigzagpatroon. Hier een fragment van een kaart van 30 april 1917. Ter oriëntatie : links het kanaal Ieper-IJzer, rechts de Kleine Poezelstraat, gedwarst door de Moortelweg.

De Yorkshire Trench (ongeveer 200 m) gaat noordwaarts over in de Essex Trench (in feite de vroegere Britse 1ste lijn van voor juli 1915), en zuidwaarts in de White Trench. Maar het systeem liep uiteraard nog vele honderden meter verder zuidoostwaarts door.
Bovenaan en rechts (rood) de 1ste
Duitse lijn, met o.a. Cable Trench, Cactus Trench, Caddie Trench, Caesar's Nose.

In juni 1917 werd het lang verwaarloosde gebied tussen Yorkshire Trench en de Moortelweg, dat het voorbije anderhalf jaar dus deel uitmaakte van het niemandsland, weer in gebruik genomen. Een nieuwe frontlijn kreeg gestalte. (Zie bijgaande illustratie.) In het noordelijk gedeelte liep Harvey Trench. Aansluitend daaraan en aan de lijn Yorkshire Trench + Essex Trench + White Trench liepen vier loopgraven : Baird Trench, Harwich Trench, Balaclava Trench en Alma Trench.

ILLUSTRATIE 5 - Een fragment van een kaart uit de War Diaries van het 14de Bataljon Royal Welsh Fusiliers (eind juli 1917). Harvey Trench, Harwich Trench, Balaclava Trench en Alma Trench vullen nu het terrein in het 1916 niemandsland vóór Yorkshire Trench + Essex Trench + White Trench. Vanuit dit systeem zou de Slag om Pilckem Ridge gelanceerd worden op 31 juli 1917. De pijl toont het huidige gerestaureerde stuk van de Yorkshire Trench aan.

Ondertussen, d.i. sinds eind 1916 of begin 1917, was ook de Yorkshire Trench Dug-Out aangelegd. 'Deep dug-outs' werden vanaf eind 1916 aangelegd door de Tunnelling Companies (Royal Engineers). Het Britse opperbevel besliste immers om alle militaire operaties in de frontlijn vanaf het grote offensief van eind juli 1917 te laten plaats hebben vanuit diepe dug-outs.
De bodemgesteldheid maakte het graven van deze ondergrondse constructies een zware en gevaarlijke onderneming. Er moest ook (vooral) 's nachts gewerkt worden, in het grootste geheim, op amper een paar honderd meter van de vijandelijke linies. En de uitgegraven aarde moest weggevoerd of afgedekt worden. Vijandelijke observatie zou er immers binnen de kortste keren voor zorgen dat de graafwerken met artillerievuur bestookt werden.
In de Ieperse Salient zouden 180 dug-outsites min of meer gelokaliseerd zijn. Enkele ervan werden in de jaren 90 (gedeeltelijk) betreden. De meest intacte bleek de Yorkshire Trench Dug-Out te zijn.

Ligging van 7 van de Britse dug-outs op de oostelijke kanaaloever, alle ten zuiden en zuidoosten van de Yorkshire Trench Dug-out, en alle voltooid door de 173ste of 179ste Tunnelling Company.
- Yorkshire Trench, Butt 18, Nile Trench en Heading Lane Dug-Out waren 2 bataljonshoofdkwartieren ;
- Bridge 6 een brigadehoofdkwartier, en
- Lancashire Farm Dug-Out 2 bataljons- en 2 brigadehoofdkwartieren.

Plannen van de Yorkshire Trench Dug-Out zijn niet bewaard, maar het uiteindelijke bouwwerk wijkt zeer waarschijnlijk af van het standaardconcept. Waren er te veel problemen bij het graven ? De bodemgesteldheid in de omgeving was in ieder geval de moeilijkste van de hele Salient. Mogelijk was het oorspronkelijke concept een stuk groter.

ILLUSTRATIE 7

Plan van de Yorkshire Trench Dug-Out zoals hij zich nu onder de Site bevindt, en bovengronds gemarkeerd is met dolomietpaden.

De dug-out zelf is niet toegankelijk wegens het grondwater dat heel het jaar door tot boven staat.

A - Yorkshire Trench, met
A1 - Firepit (schietstand)
A2 - Twee uitkijkposten
B - Zuidelijke toegang van de Dug-Out, met
B1 - Trap (ong. 13 meter lang, tot bijna 10 m diep, helling 45°)
B2 - Pompruimte
B3 - Timmermanskamer
B4 - Gereedschapsberging
B5 - Wapenhersteller (onder de huidige Bargiestraat)
C - Noordelijke toegang (ong. 20 m lang, met platform C1)
D - Dwarsgang met verblijfruimtes D1-4 ; op het noordelijk einde de commandokamer D5


FOTO 8

Opname in de noordelijke toegangstrap, ongeveer vanaf halve diepte (d.i. ongeveer 5 m), vanop de onderste treden van de 30°-helling, met zicht op de overloop (platform).

In feite bestond deze uit een verraderlijk licht hellend eerste deel, waar de hoogte ook beduidend lager was (slechts 1,20 m) en dan een vlak deel (waar het licht op schijnt).

Voorbij dat laatste was dan het tweede steiler (45°) trapgedeelte, van ongeveer 3,5 m lang en 2,5 m dieper, eindigend in de dwarsgang D.


Foto 9 - Patrick Van Wanzeele in de kamer van de timmerman (B3 op illustratie 7), tijdens de eerste verkenning van de dug-out, kort na de ontdekking, in februari 1992.

Voor de eerste veldslag van het grote offensief bij Ieper in 1917 (Derde Slag bij Ieper) werd de Yorkshire Trench Dug-Out gebruikt als hoofdkwartier door 2 infanteriebataljons : het 13de en het 16de Royal Welsh Fusiliers (van de 38ste (Welsh) Division). De bataljons zelf waren verspreid over de hogerop vermelde loopgraven Harvey Trench, Harwich Trench, Baird Trench, Balaclava Trench, Alma Trench, White Trench, Essex Trench en Yorkshire Trench zelf. Elk bataljon had 4 compagnies, namelijk 2 die voorop liepen, en 2 die volgden en die de voorgaande 2 aflosten na het behalen van het eerste doel. Yorkshire Trench deed dienst als loopgraaf voor de tweede golf aanvallers.

De aanval begon om 3.50 u. 's morgens. Ten noorden van de 38ste (Welsh) Divisie, d.i. ten noorden van de spoorlijn Ieper - Boezinge - Torhout (nu tussen Boezinge en Langemark een fietspad), rukten de Guards op ; ten zuidoosten van de 38ste Divisie waren het de 51ste en de 39ste Divisie. De eerste fase verliep vrij vlot. In het begin vielen weinig slachtoffers, want enkele dagen voordien hadden de gealarmeerde Duitsers hun eerste lijn al ontruimd. Maar de zwaarste verliezen zouden vallen aan het einde van de voormiddag, voorbij Pilkem, op weg naar de Steenbeek (Langemark). Was de slag in het noorden van de Salient succesvol te noemen, in het centrum en het oosten was de vooruitgang bijna onbestaande. Uiteindelijk zou de frontlijn moeizaam verder oostwaarts opschuiven, om te eindigen in de Hel van Passendale (begin nov. 1917).




© 2001 The Diggers - Contact
Webmaster