Activiteiten van De Diggers - DE EERSTE HELFT VAN 2000

In dit artikel : een kort overzicht van onze activiteiten in de periode januari - juni 2000. Een aantal zaken komen ook systematisch aan bod in andere artikels op onze website. Voor een situering van deze onderwerpen in een andere context (loopgraven, munitie, het vinden van stoffelijke overschotten,…) verwijzen wij hierbij met een link naar het desbetreffende artikel.

Meer dan eens gaan buitenstaanders ervan uit dat onze groep in de wintermaanden op non-actief staat. Wie het terrein ter plaatse ziet, doelt daarmee zeker op de quasi-onmogelijkheid om in deze zompige brij te prospecteren. In de winter vult een gemaakte kuil zich overigens al bij de eerste spadesteek met water. Laat staan wanneer er drie of meer spaden diep gegaan wordt. Een relatief diep uitgegraven kuil blijkt de volgende zaterdag dan ook herschapen te zijn in een vijvertje.

Toch konden wij het ons in de winters 1999-2000 en 2000-2001 niet veroorloven passief te blijven. Al stond de bouwactiviteit op het industrieterrein in de wintermaanden op een laag pitje, toch kwam het erop aan niet bij de pakken te blijven zitten. Immers, vanaf het voorjaar zouden bulldozers en graafmachines weer aan de slag gaan, en in een mum van tijd blijkt dan een gebouw uit de grond gerezen te zijn waar voordien alleen maandenlang verwilderd gras- of akkergrond geweest was. Anticiperen op de bouwactiviteit, en ervoor zorgen dat het perceel in kwestie verkend is ruim vóór de bulldozers de grond komen nivelleren en stabiliseren, is dan ook de boodschap. Verder was het ook noodzakelijk om waar mogelijk een of meer leden van de groep af te vaardigen om tijdens de grondwerken een oogje in het zeil te houden voor het geval belangrijke zaken aan de oppervlakte zouden komen. Van de arbeiders en aannemers kan immers niet verwacht worden dat zij daar oog voor hebben, of hun werk anders willen organiseren indien er aanwijzingen zijn dat belangrijke zaken gevonden kunnen worden.

Zaterdagnamiddag is de Diggersdag bij uitstek. In de eerste helft van 2000 lieten we van de 26 zaterdagen slechts drie keren verstek gaan. (De Diggersvrouwen zouden overigens heftig protesteren indien hun mannen nieuwjaarsdag van 1 januari zouden verkiezen door te brengen in de modder in plaats van in de familiekring.) Maar daarbuiten werd er meer dan eens ook op weekdagen gegraven, zij het dan in beperkte groep. Zodoende waren wij in de eerste zes maanden van 2000 in totaal op 37 dagen actief.

***

Even een overzicht van de belangrijkste vondsten. Op 22 januari werden een tiental handgranaten gevonden op een perceel op de kanaaloever. Op 29 januari was de oogst nog aanzienlijker : in twee kuilen werden respectievelijk 68 en 43 handgranaten gevonden. Alles werd in de eerstvolgende dagen opgehaald door Dovo.

***

Een groot deel van de Diggersdagen van begin 2000 werd niettegenstaande de hoge waterstand op lager niveau doorgebracht. Op 5 opeenvolgende zaterdagen in februari en maart 2000 werd immers de grond in gegaan nabij een hoeve even ten zuiden van het prospectieterrein, in de oorlog genoemd Lancashire Farm.

Foto 1

De Britse Lancashire Farm dug-out uit 1917, die reeds in het voorjaar van 1998 een eerste keer verkend werd, voornamelijk via de verticale metalen schacht, werd toen via een andere toegang nogmaals geëxploreerd.

Weliswaar eerder uit nieuwsgierigheid, en zeker niet met de bedoeling zo diep mogelijk af te dalen in deze ondergrondse verblijfplaats die overigens zeer waarschijnlijk onderaan ingestort is en/of reeds jaren geleden ontmanteld.

Voor het artikel over deze constructie en de verkenning ervan begin 1998 en begin 2000, zie : De Lancashire Farm Dug-out.

***

Het aantal resten van gesneuvelden dat in de eerste helft van 2000 opgegraven werd, was in vergelijking met vroeger eerder aan de lage kant : 13 ( In de tweede helft van 2000 zouden de resten van 25 soldaten gevonden worden.)

Foto 2

Op 18 maart 2000 werd aan oppervlakkige prospectie gedaan met de metaaldetector op een strook niemandsland nabij het waterreservoir. In het najaar van 1999 was daar immers met de bulldozer genivelleerd.

Op zeer geringe diepte kwamen dan ook beenderresten bloot te liggen, alsook enkele bijhorende materiële vondsten.

Twee shoulder titles RB (Rifle Brigade), een hartvormig medaillon (leeg), een handvol muntstukken, een veiligheidsspeld, een jodiumampul (niet op de foto). De schaarse resten werden zoals steeds overhandigd aan de federale politie.

***

Een aantal zaterdagen in april - mei 2000 werd een tracé van de Yorkshire Trench, even ten noorden van het deel dat reeds 2 jaar voordien blootgelegd werd nabij de dug-out, verder onderzocht. Reden daarvoor was dat op het einde van de maand mei de grondwerken zouden starten voor de bouw van Pinguïn NV (diepvriesgroenten).

Foto 3

Dit stuk loopgraaf lag behoorlijk diep (bijna 2 meter), en het hoeft dan ook geen betoog dat de ondergrond behoorlijk drassig was, op z'n zachtst gezegd.

Foto 4 - Op 8 april kwam een in onze ogen interessante vondst aan de oppervlakte : de resten van een signaalbord met de tekst IRISH BRIDGE N° 6.D.24 SINGLE FILE. Vreemd genoeg bevond deze kanaalbrug - een van de vele tussen Ieper en Boezinge - zich oorspronkelijk in de bocht bij het begin van de huidige Bargiestraat, op 400 meter zuidoostelijk daarvandaan. Het voorwerp werd gegeven aan het Ieperse In Flanders Fields Museum.

Foto 5

Opvallend in deze Yorkshire loopgraaf uit 1916 of 1917 waren de A-frames die aangetroffen werden.

(Ze werden ook bovengehaald en achteraf eveneens gegeven aan het In Flanders Fields Museum, waar ze na conservering zullen worden tentoongesteld.)

De foto toont ook een zgn. firestep, vanwaarop de vijandelijke linies, op amper 100 meter noordoostelijk daarvandaan, konden geobserveerd worden en onder vuur genomen.

 

Foto 6

13 mei 2000

Op zowat anderhalve meter diepte wordt zonder talmen gegraven naar de bodem van een stuk van de Yorkshire Trench.

10 dagen later zullen boven die plaats de zwaar beladen vrachtwagens voorbij dokkeren en de bulldozers hun nivelleringswerk en de freesmachines hun kalk- en stabiliseringswerk verrichten.

 

Foto 7

Op deze plaats liep ook de beruchte 'International Trench' in de zomer van 1915. Ook die wordt eind mei 2000 voor het grootste (zuidelijk) deel overbouwd. Tijd dus om nog even te speuren naar resten ervan. De foto toont resten van een schoen (links beneden), stukken riem, 1 munt, 1 Duitse discusgranaat (links), een flesje met glazen stopsel (glasopdruk Ricole's), en een tas met Franse patronen.

 

Voor meer over de Yorkshire Trench, en aansluitend de Essex Trench, zie : het artikel Yorkshire Trench.
Voor een artikel waarin de International Trench historisch gesitueerd wordt, zie : 6-9 juli :
een kleine maar succesrijke operatie.

***

Begin mei 2000 was even uitgeweken naar de Duitse eerste lijn, omdat bij grondwerken op het meest noordelijke perceel betonblokken aangetroffen werden, resten van een Duitse onderstand.

Foto's 8 en 9

In totaal worden een 25-tal kubusvormige blokken (riblengte 29 cm) verder blootgelegd, in twee rijen.

Het bezoek van twee Britse "toeristen" waarop wij ons die dag mochten verheugen - en dat een tweetal maanden later op onze uitnodiging nog eens zou herhaald worden - zou ons nog lang heugen.

En ons toelaten de les te leren dat gastvrijheid niet altijd op de beste manier beloond wordt.

Meer daarover in het artikel Onze visie : willen de echte aasgieren nu opstaan ?

 

***

Foto 10

24 mei 2000 : de werken op het grote Pinguïn NV perceel zijn aangevat.

Boven het traject van Yorkshire Trench en het zuidelijk deel van de International Trench (door de Duitsers de 'Südspitze' genoemd) doen de grondmachines hun werk.

In de verte de gebouwen van een voorgaande uitbreiding van de industriezone Ieperleekanaal, en aan de horizon Ieper, dat vier jaar onder Duits vuur lag, en dan vooral in de periode tussen de Tweede en de Derde slag om Ieper.

Foto 11

Met heel wat geratel - en niet zonder gevaar - zijn een aantal Livens Projector-buizen door de freesmachine aan de oppervlakte gescharreld.

Een ervan bevat nog het fosgeenprojectiel.

Voor meer over dit soort loopgraafmortier, zie het artikel De Livens Projector.

Foto's 12 en 13

Zowat de grootste vijand in de periode najaar 1915 - voorjaar 1917 (militair overigens een relatief 'rustige' periode) is volgens de regimentsgeschiedenissen en battalion diaries de moerassige bodem.

Van loopgraven aanleggen was geen sprake. De bestaande onderhouden was niet eens onmogelijk.

Ze bemannen nog minder.

Laarzen (en lieslaarzen) waren dan ook zeker geen luxe.

Merk en herkomst : Goodyear - New York. (Gevonden 27 mei 2000.)

In de onmiddellijke nabijheid zouden er overigens later nog meer exemplaren gevonden worden.

Onze activiteiten in de tweede helft van 2000 reserveren we voor een volgend artikel. 


© 2001 The Diggers - Contact
Webmaster